Rollende jaarcijfers melkveehouderij: liquiditeitsmarge onder druk

De rollende jaarcijfers melkveehouderij tot en met juni 2026 laten een gemengd beeld zien. Technische resultaten verbeteren, maar een lagere melkprijs en hogere belastingdruk zetten de liquiditeit onder druk. Daardoor hebben veel melkveebedrijven minder financiële ruimte dan een jaar geleden.

Melkkoeien in de wei

Expert

Directeur bedrijfsadvies

Portretfoto van Hans de Bie

Technische resultaten blijven verbeteren

De gemiddelde melkveehouder produceerde in het rollende jaar tot en met juni 2026 ruim 1,29 miljoen kilogram melk. Een jaar eerder was dat 1,21 miljoen kilogram. Het aantal melkkoeien steeg beperkt van 125 naar 126 dieren. Daardoor nam de melkproductie per koe toe naar 10.166 kilogram melk. Dat is bijna 600 kilogram meer per koe dan een jaar geleden.

Ook de intensiteit steeg. De melkproductie per hectare groeide van 18.794 naar 19.830 kilogram melk per hectare. Tegelijkertijd verbeterden enkele technische kengetallen. Het celgetal daalde licht naar 168 en het ureumgehalte nam af van 19,0 naar 18,4.

Deze cijfers laten zien dat veel melkveebedrijven hun technische prestaties verder verbeterden.

De 25% best presterende bedrijven laten opnieuw zien dat sterke technische resultaten samengaan met een efficiënte bedrijfsvoering. Deze bedrijven produceren gemiddeld 1,47 miljoen kilogram melk. De melkproductie per koe ligt met 10.244 kilogram vrijwel gelijk aan het gemiddelde. Ook de intensiteit verschilt beperkt. Wel houden deze bedrijven minder jongvee aan: 4,6 stuks per 10 melkkoeien tegenover 5,1 op een gemiddeld bedrijf.

Lagere melkprijs drukt opbrengsten

De melkprijs ontwikkelde zich in 2026 minder gunstig dan in 2025. De gemiddelde melkopbrengst daalde van € 57,56 naar € 49,08 per 100 kilogram melk. Dat betekent een afname van bijna € 8,50 per 100 kilogram melk.

Een deel van deze daling werd gecompenseerd door hogere overige opbrengsten. De opbrengsten uit omzet en aanwas stegen van € 4,55 naar € 6,60 per 100 kilogram melk. Vooral de sterkere rundvleesmarkt droeg hieraan bij.

Kostenontwikkeling blijft een aandachtspunt

De voerkosten ontwikkelden zich positief. De totale voerkosten daalden van € 23,27 naar € 22,33 per 100 kilogram melk. Vooral de kosten voor aangekocht krachtvoer lagen lager.

Ondanks deze kostendaling kwam het saldo melkvee uit op € 26,67 per 100 kilogram melk. Een jaar eerder was dat nog € 32,74. Dat betekent een daling van ruim € 6 per 100 kilogram melk.

Tegelijkertijd namen verschillende kostenposten toe:

  • mestafzetkosten stegen van € 2,07 naar € 2,68 per 100 kilogram melk;
  • niet-toerekenbare variabele kosten stegen van € 8,38 naar € 8,88 per 100 kilogram melk;
  • leasekosten voor fosfaatrechten namen toe;
  • ook de onderhoudskosten lagen hoger.

Het fiscale resultaat exclusief incidentele posten daalde hierdoor van € 15,35 naar € 8,05 per 100 kilogram melk.

Liquiditeitsmarge daalt fors

De grootste verandering is zichtbaar in de liquiditeit. De kritieke melkopbrengst daalde van € 47,92 naar € 46,70 per 100 kilogram melk. De daadwerkelijke melkopbrengst daalde echter veel sterker. Daardoor liep de liquiditeitsmarge terug van € 9,64 naar € 2,38 per 100 kilogram melk.

Daarnaast zorgde de fiscale afrekening over het winstgevende jaar 2025 voor extra druk op de kasstroom. De betaalde belastingen stegen van € 0,97 naar € 1,65 per 100 kilogram melk.

Voor veel melkveebedrijven betekent dit dat er minder ruimte is voor investeringen, extra aflossingen of het opvangen van financiële tegenvallers.

Topbedrijven presteren beter door lagere kosten

Ook in een uitdagende markt blijven de verschillen tussen bedrijven groot. De 25% best presterende bedrijven realiseren een kritieke melkopbrengst van € 41,34 per 100 kilogram melk. Dat is ruim € 5 lager dan het gemiddelde. Hun liquiditeitsmarge komt uit op € 6,83 per 100 kilogram melk. Dat is bijna drie keer zo hoog als het gemiddelde bedrijf.

Deze bedrijven produceren niet per se intensiever. Het verschil zit vooral in een efficiënte kostenstructuur. Zij realiseren lagere eigen voerkosten, lagere mestafzetkosten en hebben meer grip op hun overige bedrijfskosten.

Kasstroommanagement wordt steeds belangrijker

De daling van de liquiditeitsmarge maakt duidelijk dat goed kasstroommanagement belangrijker wordt. Voor 2026 en 2027 is het niet voldoende om alleen naar winstgevendheid te kijken. Juist inzicht in de beschikbare kasstroom helpt je om tijdig bij te sturen. Denk aan het plannen van investeringen, het beheersen van kosten en het opvangen van schommelingen in melkprijs, rente, mestkosten en fiscale verplichtingen.

Wat betekenen deze cijfers voor jouw bedrijf?

De gepresenteerde cijfers zijn gemiddelden. In de praktijk blijven de verschillen tussen melkveebedrijven groot. Door je eigen resultaten te vergelijken met vergelijkbare bedrijven krijg je beter inzicht in kansen en risico's binnen je onderneming. Zo zie je waar je sterk presteert en waar nog ruimte zit voor verbetering.

Meer weten?

aaff is graag overal van betekenis. Heb je vragen over de financiële prestaties, liquiditeit of kasstroom van je melkveebedrijf? Neem dan contact op met onze specialisten.

Aanmelden nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van het laatste nieuws

Volg aaff op Facebook

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws via onze Facebookpagina