Mantelzorgwoning en inkomstenbelasting

Een mantelzorgwoning in de tuin van je kind lijkt fiscaal eenvoudig, maar dat is niet altijd het geval. Eind 2023 publiceerde de Belastingdienst een standpunt over de inkomstenbelasting bij deze situatie. Wat betekent dat voor ouders en kinderen, en welke aandachtspunten spelen er bij box 3?

Services
Mantelzorgwoning

Veelvoorkomende mantelzorgsituatie

De Belastingdienst publiceerde in november 2023 een standpunt gepubliceerd over de fiscale gevolgen van een mantelzorgwoning die ouders plaatsen in de tuin van hun kind. Het gaat om een situatie waarbij:

  • ouders een vrijstaande, kant-en-klare mantelzorgwoning betalen en laten plaatsen;
  • de woning een eigen huisnummer heeft, maar geen eigen kadastraal nummer;
  • de woning is aangesloten op de nutsvoorzieningen van het kind;
  • geen opstalrecht is gevestigd;
  • ouders een zakelijke huur betalen voor het gebruik van de grond.

De vraag is hoe deze situatie fiscaal wordt behandeld voor de inkomstenbelasting.

Hoe beoordeelt de Belastingdienst een mantelzorgwoning?

Volgens de Belastingdienst behoort het juridisch eigendom van de mantelzorgwoning tot het vermogen van het kind in box 3. De grond wordt ook aangegeven in box 3, want die wordt (tijdelijk) niet meer gebruikt als tuin bij de eigen woning. Op de waarde van de mantelzorgwoning inclusief de grond, wordt het genotsrecht van de ouders in mindering gebracht. De ouders geven alleen hun genotsrecht, hun gebruik van de woning, aan in box 3.     

Klopt het standpunt van de Belastingdienst?

Het klopt dat het juridisch eigendom van de mantelzorgwoning bij het kind terechtgekomen is. Immers, de woning is zonder vestiging van een opstalrecht door natrekking eigendom geworden van het kind. Het gevolg is dat het juridisch eigendom van de mantelzorgwoning en de grond dan belast wordt in box 3 bij het kind. Het belasten van een genotsrecht in box 3 bij de ouders is in deze situatie fiscaal-juridisch ook juist.   

Toch iets vreemds in het standpunt

Ouders en kind hebben voor ogen dat de mantelzorgwoning van ouders is en de grond van het kind. De huurovereenkomst voor de grond ondersteunt dat. Als de woning verkocht wordt, is de opbrengst voor ouders dan wel voor hun erfgenamen. Het kind heeft dus wel het juridische eigendom, maar niet het economische eigendom ofwel de waarde in geld. Het vreemde is dat de Belastingdienst de waarde van het juridisch eigendom via een bepaling in de Wet inkomstenbelasting gelijkstelt met de waarde in geld. Het gevolg is dat de mantelzorgwoning, die in economische zin van de ouders is, voor een deel belast wordt bij het kind.  

Redelijke oplossing

In mijn optiek zou het kind alleen de waarde van de grond en de ouders de waarde van de mantelzorgwoning (in de vorm van een genotsrecht) kunnen aangeven in box 3. De totale heffing wordt niet anders, maar wordt zo wel verdeeld in de verhouding die recht doet aan de situatie.

Hoe waardeer je een mantelzorgwoning in box 3?

Mantelzorgwoningen als in deze casus krijgen geen WOZ-waardering omdat ze tijdelijk zijn. Grote vraag is voor welke waarde ze dan in box 3 moeten worden opgenomen. Er vindt geen planologische bestemmingswijziging plaats van de grond waarop de mantelzorgwoning staat. Voor de grond kan ik me daarom voorstellen dat deze gewaardeerd wordt als tuingrond. Wat betreft de woning zal moeten worden ingeschat wat de waarde zal zijn bij verkoop op de peildata voor box 3. Daarbij zal zeker ook rekening moeten worden gehouden met de kosten die het met zich mee zal brengen om de woning te zijner tijd af te (laten) voeren en de grond weer op te leveren als tuin.

Meer weten?

aaff is graag overal van betekenis. Heb je vragen over de fiscale en juridische gevolgen van een mantelzorgwoning? Neem contact op met onze belastingadviseurs

Aanmelden nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van het laatste nieuws

Volg aaff op LinkedIn

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws via onze LinkedIn pagina