Expert
Al ruime tijd hebben we te maken met een sterk vragende markt naar pluimveevlees en eieren. De verschuiving naar concepten heeft de productie doen dalen en de impact van vogelgriep op de keten is fors. De afgelopen jaren hebben pluimveehouders goede marges kunnen maken en veel energie gestoken in de optimalisatie van het bedrijf. Het vooruitzicht voor de korte termijn is onverminderd goed. Maar wat valt er te zeggen over de marktontwikkeling voor de lange termijn?
Gedreven door bevolkingsgroei en toenemende welkvaart is de verwachting dat de komende 10 jaar de wereldwijde vleesconsumptie toeneemt. Dit geldt vooral voor kippenvlees. Een toename van 21% wordt voorspeld, vooral in de snelgroeiende Aziatische economieën.
Ook in Europa vindt een gematigde toename van consumptie plaats. Hierbij is de verwachting dat de consumptie van 15,1 kg kip per inwoner oploopt naar 16,5 kg in 2035. Opvallend ten opzichte van andere vleessoorten is dat de kipconsumptie toeneemt terwijl de verwachting is dat de consumptie van andere vleessoorten zal krimpen. Dit wordt gedreven doordat kip relatief goedkoop is, mager en duurzaam geproduceerd.
Voor Nederland is de verwachting dat de consumptie stabiel blijft met een lichte stijging. De Nederlandse markt volgt de Europese verschuiving van rood naar wit vlees. Deze groeit naar verwachting tussen de 0 en 5% richting 2035, mede door een blijvende voorkeur voor gezonde eiwitbronnen.
Als we kijken naar de gevolgen voor de Nederlandse pluimveehouder maken we onderscheid in productie voor de reguliere markt en het Beter Leven 1-ster concept. Door de stabiele tot licht stijgende vraag in Europa, wat een structurele vraag ondersteunt, blijven er (export) kansen. Tegelijkertijd blijft het een anoniem product, gevoelig voor internationale concurrentie uit Oost-Europa, Brazilië, etc. Voldoende schaalgrootte en efficiënte bedrijfsvoering blijft essentieel. Voor producenten in het Beter Leven 1-ster concept geldt dat er een beperkt groei zal zijn. Zowel de opbrengst- als de kostprijs ligt hoger, maar op een stabieler niveau. Volatiliteit van deze markt zal minder zijn dan bij de reguliere markt.
Inherent aan de toenemende vraag naar pluimveevlees is een toenemende vraag naar broedeieren. De Nederlandse vermeerderaar is een topspeler als het gaat om de productie van broedeieren, zij staat bekend om haar kwaliteit en betrouwbaarheid. Deze geglobaliseerde markt, waar de vraag structureel stijgt, ziet er gunstig uit voor de vermeerderaar, echter kent ook risico’s. Het grootste risico is ons allemaal bekend; vogelgriep. Maar ook de grote exportafhankelijkheid kent zijn keerzijde, zaken als valutarisico en landen met een politieke instabiliteit blijven actueel.
Ook voor eieren wordt mondiaal ook een structurele groei van ei-consumptie verwacht van ca 2% per jaar. Een ei is en blijft de meest betaalbare vorm van dierlijk eiwit. Van deze consumptiegroei is de verwachting dat het overgrote deel uit Azië, Afrika en Latijns-Amerika komt. Vergelijkbaar met vlees komt deze groei door een groeiende bevolking en toenemende welvaart.
In zowel Europa als Nederland wordt een beperkte consumptiegroei voorspeld. De markt is verzadigd en een verder toenemende welvaart zal niet leiden tot een toenemende ei-consumptie. Wel is er een verschuiving gaande naar toegevoegde waarde t.a.v. dierenwelzijn gedreven door enerzijds een veranderende consument anderzijds speelt regelgeving ook een belangrijke rol hierin. Dit maakt dat de vraag naar vrije-uitloop- en biologische eieren toeneemt.
De vooruitzichten voor de pluimveehouderij blijven op de lange termijn overwegend positief, gedreven door een structureel stijgende wereldwijde vraag naar pluimveevlees, broedeieren en eieren. Vooral kip profiteert van bevolkingsgroei, stijgende welvaart en de voorkeur voor betaalbare, gezonde en duurzaam geproduceerde eiwitten. Dit biedt zowel binnen als buiten Europa kansen voor Nederlandse pluimveehouders.
Tegelijkertijd blijft de sector geconfronteerd met duidelijke uitdagingen. De reguliere vleesmarkt blijft internationaal sterk concurrerend, waardoor schaalgrootte en kostenefficiëntie essentieel zijn. Conceptproductie, zoals Beter Leven 1-ster, biedt meer stabiliteit, maar kent beperkte groeiruimte. In de broedeisector blijft Nederland een wereldspeler, maar de risico’s van vogelgriep en exportafhankelijkheid vragen om blijvende aandacht.
Voor consumptie-eieren geldt dat de totale consumptie in Europa nauwelijks groeit, maar de vraag verschuift wel richting producten met meer dierenwelzijn. Dit biedt perspectief voor ondernemers die anticiperen op deze trend.
Samengevat liggen er voor de Nederlandse pluimveehouderij goede kansen. Ondernemers die zich tijdig aanpassen aan markttrends en maatschappelijke verwachtingen, zijn het best gepositioneerd om richting 2035 succesvol te blijven.
aaff is graag overal van betekenis. Wil je sparren over jouw strategie op lange termijn en welke keuzes je daarvoor kunt maken? En welke investeringen hiervoor nodig zijn en wat de financiële gevolgen? Neem dan contact op met een van onze experts.
Altijd op de hoogte van het laatste nieuws
Blijf op de hoogte van het laatste nieuws via onze Facebookpagina