Expert
Jan en Elly runnen samen een varkenshouderij in de vorm van een vennootschap onder firma (VOF). Na lang nadenken besluiten zij hun onderneming te beëindigen. Het beëindigen van je bedrijf kan bijvoorbeeld het gevolg zijn van deelname aan de Landelijke Beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv of Lbv+), maar ook van andere factoren, zoals economische omstandigheden, persoonlijke keuzes of bedrijfsopvolging.
Wat betekent dit voor je fiscale situatie, en hoe kun je belasting besparen door je stakingswinst in banksparen (lijfrente) te stoppen?
Veehouders kunnen onder voorwaarden gebruikmaken van de Lbv of Lbv-plus-regeling. Dit zijn subsidieregelingen waarbij je een vergoeding ontvangt in ruil voor het definitief beëindigen van het bedrijf en (een deel van) de productiecapaciteit.
Ook zonder deelname aan deze regelingen kan een ondernemer besluiten zijn onderneming te staken. Vanuit fiscaal perspectief maakt dit in veel gevallen weinig verschil: in alle situaties is sprake van een staking van de onderneming.
Bij het stoppen van de onderneming realiseren Jan en Elly een stakingswinst. Dit is het verschil tussen de fiscale boekwaarde en de werkelijke waarde van de ondernemingsactiva op het moment van staking.
In deze casus bestaat de stakingswinst uit:
Totale stakingswinst: € 800.000
Omdat Jan en Elly ieder voor 50% deelnemen, wordt per persoon € 400.000 aan stakingswinst belast.
Eventuele ontvangen vergoedingen (bijvoorbeeld uit de Lbv of Lbv-plus-regeling) maken onderdeel uit van deze winst of beïnvloeden deze indirect.
De stakingswinst wordt belast in box 1 als inkomsten uit werk en woning. Het tarief kan oplopen tot 49,5% (2026).
Er zijn echter belangrijke aftrekposten die de belastingdruk kunnen verlagen:
Aftrekposten
Afhankelijk van de hoogte van de winst en het overige inkomen kan dit aanzienlijk schelen in de belastingheffing.
Een belangrijk instrument om de belastingdruk te beperken is het onderbrengen van (een deel van) de stakingswinst in een lijfrente via banksparen. Dit wordt ook wel een stakingslijfrente genoemd.
De stakingsaftrek en mkb-winstvrijstelling worden eerst toegepast; het resterende bedrag kun je vervolgens in een lijfrente storten.
Of je de onderneming nu beëindigt via deelname aan de Lbv of Lbv-plus-regeling of door andere omstandigheden: de fiscale afwikkeling en de mogelijkheden rondom stakingswinst zijn in de basis vergelijkbaar.
Met een goede planning kun je een groot deel van de stakingswinst fiscaal gunstig omzetten in aanvullend pensioen. Dit leidt niet alleen tot belastinguitstel, maar ook tot een betere inkomensvoorziening voor de toekomst.
aaff is graag overal van betekenis. Wil je weten hoe je de stakingswinst fiscaal gunstig kunt regelen of wil je een plan op maat? Wij hebben bedrijfsadviseurs die je hierbij kunnen helpen. Neem hiervoor contact op met een van onze adviseurs.
Altijd op de hoogte van het laatste nieuws
Blijf op de hoogte van het laatste nieuws via onze Facebookpagina