Expert
De discussie is al jaren dezelfde. Levert een melkrobot nu ook financieel voordeel op, of draait het vooral om arbeidsgemak?
Uit een analyse van melkveebedrijven over de periode 2023-2025 blijkt dat de werkelijkheid genuanceerder is dan vaak wordt gedacht. De analyse laat zien dat robotbedrijven technisch beter presteren, maar dat dit niet automatisch leidt tot een hoger financieel resultaat.
De meest opvallende verschillen zitten aan de technische kant. Robotbedrijven produceren gemiddeld ruim 9.820 kg melk per koe, tegenover 9.164 kg per koe op bedrijven met een traditionele melkstal. Dat is een verschil van bijna 660 kg melk per koe. De robotbedrijven realiseren een lager vetgehalte met 4,48% ten opzichte van 4,54% bij de bedrijven die traditioneel melken. Dat geldt ook voor het eiwit% met 3,56% versus 3,60%.
Daarnaast hebben robotbedrijven een hogere intensiteit per hectare. Gemiddeld wordt bijna 19.700 kg melk per hectare geproduceerd tegenover 18.458 kg op traditionele bedrijven.
Opvallend is dat de hogere melkproductie per koe niet gepaard gaat met een hoger krachtvoerverbruik per 100 kg melk. Robotbedrijven gebruiken gemiddeld 28,8 kg krachtvoer per 100 kg melk, terwijl traditionele bedrijven uitkomen op 29,6 kg. Ook de inzet van krachtvoervervangers ligt lager met 4,75 kg ten opzichte van 5,05 kg per 100 kg melk.
Dat wijst erop dat een deel van de extra melkproductie daadwerkelijk wordt gerealiseerd door een hogere efficiëntie van de koe en het management rondom voeren, melken en diermonitoring.
Toch vertaalt de technische voorsprong zich niet rechtstreeks naar meer rendement. Robotbedrijven hebben hogere kosten voor het melkproces. De kosten voor installaties in het melkproces bedragen gemiddeld € 2,88 per 100 kg melk, tegenover € 2,06 bij traditionele bedrijven. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de onderhoudskosten van de melkinstallatie. De kosten van gas, water en electra liggen nagenoeg op hetzelfde niveau.
Het gemiddelde fiscale resultaat komt exclusief incidentele posten uit op € 11,66 per 100 kg melk bij robotbedrijven tegenover € 12,51 per 100 kg melk bij traditionele bedrijven. Traditioneel melken houdt financieel dus nog steeds een lichte voorsprong.
Waar de melkrobot wel duidelijk verschil maakt, is arbeid. Robotbedrijven zetten gemiddeld minder betaalde arbeid in en realiseren hun productie met relatief minder externe arbeidskosten van € 0,41 per 100 kg melk. De melkrobot vervangt daarmee niet alleen melktijd, maar vergroot ook de flexibiliteit van de ondernemer en het gezin.
Juist op bedrijven waar arbeid schaars is of waar uitbreiding zonder extra personeel gewenst is, kan dat zwaar meewegen in de investeringsafweging. Daarbij kan goed agrarisch bedrijfsadvies helpen om inzicht te krijgen in de financiële en strategische gevolgen van deze keuze.
De cijfers laten zien dat melkrobots vooral een technische prestatieverbetering opleveren. Meer melk per koe en een efficiënter krachtvoergebruik zijn duidelijke voordelen. Financieel gaat een belangrijk deel van deze winst weer op aan hogere onderhouds- en afschrijvingskosten van het melksysteem.
Een melkrobot verdient zichzelf niet automatisch terug via een hoger bedrijfsresultaat. De belangrijkste opbrengst zit in hogere technische resultaten en arbeidsflexibiliteit. Voor ondernemers die kampen met arbeidskrapte of willen doorgroeien zonder extra personeel, kan dat doorslaggevender zijn dan een verschil in financieel resultaat per 100 kg melk.
aaff is graag overal van betekenis. Wil je meer weten over de verschillen tussen robot- en traditioneel melken? Neem dan contact op met een van onze specialisten.
Altijd op de hoogte van het laatste nieuws
Blijf op de hoogte van het laatste nieuws via onze Facebookpagina